Lomo (Anologe foto’s)

Dat ik graag en geregeld experimenteer met analoge fotografie is ongetwijfeld geen verrassing meer. Ik heb intussen ook een bescheiden collectie analoge, nog werkende camera’s. “Nog werken” is in sommige gevallen een overstatement, want sommige ervan zijn wel aan wat restauratie toe maar dat zijn projectjes voor als ik ooit eens vijf minuten tijd heb. Of langer… (Lees verder na de foto)

Maar één van de camera’s die hier al heel erg lang stond stof te vergaren op een legplank, is de Lomo Belair 6×6 / 6×12. Op zich is dat een relatief nieuw toestel, ik schat intussen een jaar of 10 a 15 oud. Veel recenter in ieder geval dan de “originele” analoge camera’s. De Lomography camera’s pretenderen dan ook niet om vintage of iets dergelijks te zijn. Het zijn typisch recente toestellen die niet gefabriceerd zijn met de bedoeling om kwalitatief te zijn, maar je moet ze eerder zien als “speelgoed” camera’s: veel plastic, constructiefouten en tekortkomingen, weinig instelbaar… Kortom: analoge camera’s die er alles aan doen om terug een element van onvoorspelbaarheid in de resultaten te krijgen. (Lees verder na de foto’s)

De Belair die ik heb is een toestel waarmee je makkelijk het formaat van de foto’s kan aanpassen: je kan zowel vierkante foto’s maken als foto’s in panorama-formaat. Met die panorama’s experimenteerde ik al jaren geleden. Maar nu, zoveel jaar later, wou ik in eerste instantie weer even leren werken met het ding, weten wat de eigenaardigheden, voor- en nadelen van het toestel zijn. Dus ik besloot om niet voor pano te gaan bij een eerste rolletje, maar voor het gewone vierkante formaat. De film die ik gebruikte was een Kodak Portra 400. (Lees verder na de foto’s)

Het ding ging af en toe mee bij de dagelijkse foto-tripjes door de stad, maar in veel gevallen was ik te gehaast of te weinig geïnspireerd om ermee te werken. Lees: het duurde dus even voor de film opgeschoten was. Zoals zo vaak zaten er heel wat onbruikbare beelden bij: overbelicht, totaal onscherp… Maar dat hoort bij dit soort fotografie. De paar beelden bij dit artikeltje waren de enige die min of meer bruikbaar zijn. Nogmaals: bij dit soort fotografie is de technische kwaliteit totaal onbelangrijk maar gaat het vooral om de sfeer en de lol van het fotograferen zelf. Diezelfde vibe laat ik dan ook altijd doorschijnen bij het inscannen van de negatieven: ik doe weinig of geen moeite om stof en dergelijke te vermijden of weg te werken omdat ik vind dat die krasjes en imperfecties net bijdragen aan het gevoel van die beelden. De witte vlekken aan de randen zijn plekken waar de film licht gehad heeft toen ik hem uit de camera haalde. De film wordt in die camera niet strak genoeg opgerold bij het terugspoelen , waardoor hij per definitie licht krijgt aan de randen van het opgerolde rolletje. Leuk met andere woorden! Maar voel je uiteraard vrij om het oneens te zijn daarmee… Hieronder trouwens een kort filmpje om de sfeer wat weer te geven. Het geluid dat bij zo een camera hoort alleen al…

Eigenlijk is deze camera, net zoals vrijwel al mijn fototoestellen (en zeker de oudere), een beetje zoals mijn keukenmessen of gietijzeren potten en pannen: het zijn tools die me moeten inspireren om ermee aan de slag te gaan! Het zin van zo een oude camera geeft me goesting om erop uit te trekken en dingen vast te leggen, net zoals een mooi mes of degelijke kookpot goesting geeft om te koken… De resultaten mogen dan wel abominabel zijn qua technische kwaliteit, ze geven me enkel meer zin om opnieuw te gaan fotograferen. En dat is uiteindelijk waar het altijd om zou moeten draaien…

C U Soon,

Roel

Volgende
Volgende

Leo Pancakes